Wat gebeurde er met mijn aangifte tegen orenvernielers en tumorkwekers?

Ten einde raad deed ik dan maar aangifte tegen ‘betrokkenen’. De naam van het delict wenste ik niet te duiden want mijn advies van mishandeling zou het niet worden volgens de Politie Nijmegen.

Mooie aangifte
Zelden had men zo’n mooie en juridisch ingewikkeld geformuleerde strafklacht in ontvangst genomen. Dit was voer voor juridische lippenaflikkers, zei de wijkagent en mede namens zijn collega’s bedankte hij mij tot tranen geroerd voor de hoeveelheid werk die deze aanklacht weer zou opleveren. En of ik dan ook nog het dossier van 150 pagina’s wilde kopiĆ«ren en er een index met gebruiksaanwijzing bij doen. Ja, dat wilde ik wel want de Politie is je beste vriend.

Mishandeling gaat het niet worden
In een eerdere omschrijving van het aan mij begane delict had ik iets van mishandeling gemeend te moeten vermelden. Fout, want mishandeling daar moet opzet voor in het spel zijn. En bij het toestaan dat bij een huurder of burger iedere nacht de gehoorhaartjes worden vernield en hersencellen tot waanzin met mogelijke tumoren worden gedreven en tenslotte er Alzheimer ontstaat, daar is natuurlijk met de beste wil van de wereld geen opzet in te zien. Hooguit kwaadaardige perversie zoals die andere gefolterden die in gevangenissen van de Amerikanen met muziek van Bruce Springsteen knettergek werden gemaakt. Nu weet ik even niet wat ik liever zou doen. Luisteren naar Bruce of naar mijn eigen orgelconcerten in Het Orgelhuis.

Zoeken jullie dan maar de verpakking uit
Dus ik besloot dat ik de omschrijving van de aangifte nog vrijblijvender zou maken. De onderzoekers zouden dan echter wel zelf aan het werk moeten. Want je kunt natuurlijk best politiemensen blij maken met een hoop werk maar dat moeten ze dan ook maar gaan doen, was mijn redenering. Het is niet aan mij, zo schreef ik in mijn aangifte om jullie al het werk uit handen te nemen hoe graag ik mij ook overal tegenaan zou willen bemoeien. Dus we besloten dat de politie de zaak zou onderzoeken en de etiketjes erop zou plakken.

Computer zei nee
Op van de zenuwen maakte ik de brief van de Districtbaas van de Politie Gelderland-Zuid open in de verwachting dat er minstens wat cadeaubonnen in zouden zitten voor al mijn goede werken. Of een uitnodiging voor een gebeurtenis met volle zalen waarbij ik van Hannie Kunst, van de Nijmeegse Wethouderij, een echte medaille opgespeld zou krijgen wegens mijn uitstekende formuleringen en strijd tegen het onrecht in de geluidshinderij. Maar nee, de computer zei nee. Zelden hadden ze daar in die computer een onsamenhangender aangifte gezien dan die van mij. En dat terwijl de betrokken beschuldigden nog onschuldiger waren dan dat men altijd al had gedacht. Maar ook dat er met de ten dienste staande gegevens echt geen enkel strabaar feit te ontdekken viel. Een dag later stuurde Hannie mij ook nog in een gemeentelijk schrijven het bos in omdat mijn bezwaren ongegrond bleken en of ik zo langzaam geen kramp in de schrijfpoot zou willen krijgen.